Een toilet van 85 centimeter breed voelt al snel als een kast. De reflex is dan om kleine tegeltjes te kiezen, want dat past toch beter bij een kleine ruimte? Precies andersom. Hoe kleiner de tegel, hoe meer voegen, en elke voeg is een lijntje dat je oog onderweg tegenkomt. Zes wanden vol lijntjes maken een hokje drukker en dus kleiner.
Grote tegels werken in een klein toilet juist heel goed. Maar je moet er wel even voor rekenen, want op een wand van 85 centimeter breed heb je maar weinig ruimte om een verkeerde keuze te verstoppen. Een tegel die net niet past, levert een reepje van vijf centimeter op dat iedereen ziet die op de wc zit.
Hieronder lees je hoe je het formaat kiest bij jouw maten, waar het lastig wordt en wat het kost.
In het kort
Groot formaat maakt een toilet rustiger. Met tegels van 60×120 heb je op de wanden van een toilet van 85×140 cm zo’n 23 meter voeg, met tegeltjes van 10×10 ruim 180 meter.
Start in het midden van de achterwand. Dan krijg je links en rechts gelijke randen in plaats van één smal reepje in de hoek.
Reken op 20 procent snijverlies. Een toilet heeft weinig hele tegels en veel randen, en grote restjes kun je zelden ergens anders kwijt.
Waarom grote tegels een klein toilet groter laten lijken
Het draait om voegen. Hoeveel meter voeg er in een vierkante meter zit, hangt alleen af van het formaat van je tegel. Neem een toilet van 85 bij 140 centimeter en 2,40 meter hoog. Dat heeft, min de deur, ruim negen vierkante meter wand. Kijk wat er gebeurt als je daar verschillende formaten op zet:
Van 182 naar 23 meter. Dat is acht keer minder lijntjes in een ruimte waar je met je neus bovenop de wand zit. Het scheelt ook in het schoonmaken, want voeg is het deel van je toilet dat als eerste grauw wordt. Kies er een kleur bij die dicht bij de tegel ligt, dan verdwijnen de voegen nog verder naar de achtergrond. Hoe je die kiest, lees je in welke voegkleur bij welke tegelkleur past.
Wil je het effect nog sterker, kies dan een lichte kleur. Witte tegels of een zachte betonlook in ivoor of zand kaatsen het licht terug, en in een toilet zonder raam is dat geen overbodige luxe.
Reken eerst je achterwand uit
De achterwand is de wand die je ziet als je de deur opendoet, en dus de wand waar het klopt of niet. Meet de breedte op en kijk hoeveel tegels daar in passen. Klinkt saai, maar dit is de stap die het verschil maakt.
Neem een achterwand van 85 centimeter. Begin je met wandtegels van 40×120 in de linkerhoek, dan passen er twee hele tegels naast elkaar en houd je rechts een reep van vijf centimeter over. Dat ziet eruit als lapwerk. Leg je dezelfde tegel vanuit het midden, dan krijg je één hele tegel achter het toilet en links en rechts een rand van 22,5 centimeter. Zelfde tegel, totaal ander resultaat.
Met tegels van 60×120 wordt het nog mooier: één tegel van zestig centimeter recht achter het toilet, met twee randen van 12,5 centimeter. En bij een plafond op 2,40 meter heb je in de hoogte precies twee rijen van 120. Geen gesneden rij bovenin. Zo’n toevalstreffer moet je wel even nameten, want lang niet elk plafond hangt keurig op 2,40.
Een vuistregel voor de randen: hoe smaller de gesneden strook, hoe meer hij opvalt. Kom je uit op minder dan een kwart van je tegelbreedte, schuif dan het hele patroon een halve tegel op of kies een ander formaat.
Staand of liggend? In een toilet bijna altijd staand. De ruimte is hoog en smal, en staande tegels trekken je blik omhoog. Liggend kan op de lange zijwanden, als je de ruimte breder wilt laten lijken, maar dan krijg je meer snijwerk rond de deur.
Ook op de vloer werkt groot formaat
Een toiletvloer is vaak nog geen anderhalve vierkante meter. Toch is dat geen reden om voor kleine vloertegels te gaan. Een toilet heeft, anders dan een douche, geen afschot naar een putje nodig, dus je kunt een grote tegel gewoon vlak leggen. Op een vloer van 85 bij 140 centimeter krijg je met een tegel van 60×120 één hele tegel in het midden en twee stroken langs de wanden. Rustiger wordt het niet.
Twee dingen om op te letten. Bij een staand toilet zaag je een opening voor de afvoer, en in een grote tegel moet die in één keer goed. Bij een hangtoilet heb je daar geen last van, want de vloer blijft vrij. En leg je dezelfde tegel op de vloer én de wanden, laat de voegen dan doorlopen van vloer naar wand. Dat geeft een strak, bijna naadloos beeld.
Twijfel je over grip: in een toilet is antislipklasse R9 ruim voldoende. Er staat geen water op de vloer zoals in een badkamer. Wil je toch meer zekerheid, bijvoorbeeld voor kinderen of ouderen, kijk dan bij de anti-slip tegels.
Liever hout dan steen? Lange tegels in keramisch parket doen hetzelfde als een groot formaat: weinig dwarsvoegen, veel rust. Leg ze in de lengte van het toilet, dan lijkt het dieper.
Waar het lastig wordt
Grote tegels zijn vergevingsgezind zolang je wand vlak en leeg is. Een toilet is dat zelden. Dit zijn de plekken waar het vaak misgaat:
De voorzetwand met inbouwreservoir. Die steekt uit, heeft een plankje bovenop en een bedieningsplaat in het midden. Plan die plaat midden in een tegel of netjes tussen twee voegen, niet half over een voeg. Bespreek met je installateur op welke hoogte hij komt voordat de tegels er zijn.
Het fonteintje en de leidingen. Elk gat in een grote tegel moet in één keer goed, want een misser kost je een hele tegel van een halve vierkante meter. Boor met een diamantboor en zonder klopstand, zoals we uitleggen in boren in tegels zonder barsten.
Het toilet onder de trap. Een schuin plafond betekent schuine sneden over de volle breedte van de tegel. Met 60×120 gooi je dan grote driehoeken weg. Hier is 30×60 vaak de slimmere keuze: nog steeds rustig, maar met veel minder afval.
Werkruimte. Een tegel van 120 centimeter in een ruimte van 85 centimeter breed draaien, met lijm erop, is gepriegel. De tegel wordt meestal op de gang ingesmeerd en dan naar binnen gedragen. Reken op een tweede paar handen.
Houd je van dit spikkelpatroon, dan vind je het bij de terrazzo tegels. Een drukke tekening op een groot formaat werkt in een toilet beter dan je zou denken, juist omdat er zo weinig voegen doorheen lopen.
Wat grote tegels van je wand vragen
Een kleine tegel volgt een golvende muur nog wel een beetje. Een tegel van 120 centimeter niet. Die ligt aan de ene kant hol en steekt aan de andere kant uit, en op een gladde tegel zie je dat meteen in het strijklicht van je plafondspot.
Leg daarom eerst een lange rij tegen de wand. Zie je licht onder de rij door, dan moet de wand eerst vlak gemaakt worden. Zit er nog oud tegelwerk op, lees dan tegels over tegels leggen voor je besluit of het eraf moet. Voor de vloer geldt hetzelfde, zie vloer egaliseren.
Verder drie keuzes die bij groot formaat horen:
- Gerectificeerde tegels. Die hebben strak gezaagde randen, zodat je met een smalle voeg van twee à drie millimeter kunt werken. Wat dat precies inhoudt, staat in wat zijn gerectificeerde tegels, en het aanbod vind je bij gerectificeerde tegels.
- Dubbel verlijmen. Lijm op de wand én op de achterkant van de tegel, zodat er geen holtes achterblijven. Bij tegels groter dan 30×30 raden we het sterk aan. De werkwijze staat in tegels dubbel verlijmen.
- De juiste lijmkam en lijm. Hoe groter de tegel, hoe grover de vertanding. Kijk in welke lijmkam gebruiken welke maat bij jouw formaat hoort, en in tegellijm kiezen welke lijm geschikt is voor groot formaat.
Een levelingsysteem met clips en wiggen is bij 60×120 geen luxe. Het houdt de tegels tijdens het drogen op gelijke hoogte, zodat je bij de naden geen randjes voelt. En een tegel van 60×120 weegt al gauw meer dan tien kilo, dus die zet je niet even met één hand tegen de muur.
Eerlijk is eerlijk
Heb je nog nooit getegeld, begin dan niet met 60×120 in een toilet. Het is een klein vlak, maar wel het vlak met de meeste obstakels per vierkante meter. Een tegelzetter is hier snel terugverdiend. Doe je het toch zelf, dan helpt wc betegelen in 5 stappen je op weg.
465 XXL tegels voor vloer en wand
Van 60×120 tot 120×120, in betonlook, marmerlook en natuursteenlook.
Hoeveel tegels heb je nodig en wat kost het?
In een toilet is het snijverlies hoger dan je gewend bent. Je hebt maar een paar hele tegels per wand en verder vooral randen. Bij een groot formaat komt daar bij dat restjes te groot zijn om weg te gooien en te klein om ergens anders te gebruiken. Reken daarom op twintig procent extra. Nog preciezer is het om per wand de tegels te tellen, zoals we uitleggen in snijverlies berekenen.
Voor het toilet uit ons voorbeeld, ruim 9 m² wand plus twintig procent, kom je op deze bestellingen uit:
Die laatste regel is de interessantste. De Noach is een vloer- én wandtegel, en met zes dozen heb je genoeg voor de wanden en de vloer samen. Eén tegel door het hele toilet, voor nog geen driehonderd euro aan materiaal. Wil je het voor je eigen maten narekenen, gebruik dan de tegelcalculator.
Bestel alles in één keer. Tegels worden in partijen gebakken en een nabestelling kan net een tint afwijken. In een toilet zie je dat direct, want daar staat alles op een armlengte afstand.
Combinaties die werken in een klein toilet
Een paar richtingen die we in de showrooms vaak zien terugkomen bij grote tegels in een toilet.
Eén tegel overal
Vloer en wanden in dezelfde betonlook, bijvoorbeeld de Noach ivoor 60×120. Voegen lopen door van vloer naar wand. Het meest rustige beeld dat je in een toilet kunt krijgen.
Groot rondom, accent achter het toilet
Effen grote tegels op drie wanden, en alleen op de voorzetwand iets met tekening: mozaïek tegels, een kleurtje of een patroon. Meer ideeën voor die ene wand staan in wc tegels ideeën.
Marmerlook met hout
Marmer tegels in groot formaat op de wand, met een houten paneel of plank rond het inbouwreservoir. Een glanzende tegel zoals de Odin marmer glans wit 40×120 kaatst extra licht terug.
Donker en mat
Durf je het aan, dan maakt een donkere tegel als de Noach antraciet 60×120 een klein toilet juist intiem in plaats van krap. Wel met goed licht, en weet dat je kalkspetters op donker mat sneller ziet. Meer daarover in matte of glanzende tegels.
Zoek je tegels die specifiek in een toiletruimte passen, in alle formaten, dan staan ze bij elkaar in de wc tegels. De echt grote formaten vind je bij wandtegels 60×120 en de XXL tegels.
Voor je bestelt
Vier stappen die een misser voorkomen, in deze volgorde.
Meet de breedte van je achterwand en de hoogte tot het plafond. Reken uit hoe je formaat vanuit het midden valt en hoe breed de randen worden.
Spreek met je installateur de hoogte van de bedieningsplaat af, zodat die niet op een voeg valt.
Vraag een proeftegel aan en hang hem in je toilet, met de lamp aan die je straks ook gebruikt. Kleur en glans zien er onder een plafondspot anders uit dan op je scherm.
Bestel twintig procent extra, in één order, zodat alle tegels uit dezelfde partij komen.
Wil je grote tegels eerst in het echt zien, dan staan ze in onze showrooms in Deurne, Mijdrecht, Sliedrecht, Zetten en Almelo. Neem de maten van je toilet mee, dan rekenen we samen uit welk formaat het mooist valt.
Weet je welk formaat er in jouw toilet past?


